Keuzekaart Behandeling bij artrose in de knie.
Hoeveel keuze is er eigenlijk?

Inleiding:

De huidige richtlijn en bijbehorende keuzekaart voor heup- en knieartrose bieden een gestructureerd kader voor de behandeling van deze veelvoorkomende aandoeningen. Echter, in het licht van recente wetenschappelijke inzichten en de ontwikkeling van nieuwe therapeutische modaliteiten, is een aanvulling op de bestaande keuzekaart wenselijk om het volledige spectrum aan beschikbare behandelopties te reflecteren. Deze aanvulling beoogt een meer gepersonaliseerde benadering van artrosemanagement te faciliteren, waarbij de patiënt meer keuzemogelijkheden krijgt en de behandelaar beter geïnformeerd is over innovatieve alternatieven.

 

Aanvullingen op de Keuzekaart:

 

Symptomatic Slow-Acting Drugs for Osteoarthritis (SYSADOA) en Supplementen:

 

  • Toelichting: 
    SYSADOA's, zoals glucosaminesulfaat en chondroïtinesulfaat, kunnen op de lange termijn bijdragen aan symptoomvermindering en mogelijk de structurele progressie van artrose vertragen. Hoewel de bewijslast voor structurele modificatie nog wordt bediscussieerd, suggereren diverse studies een positief effect op pijn en functie bij subgroepen van patiënten. Deze middelen kunnen een waardevolle aanvulling zijn op het conservatieve management, met een gunstig veiligheidsprofiel.
     
  • Fysiotherapie:
    Naast traditionele oefentherapie, die reeds een hoeksteen vormt van het artrosemanagement, is de integratie van leefstijlcoaching via gestandaardiseerde programma's van toenemend belang. Het GLA:D® (Good Life with osteoArthritis: Denmark) programma is hier een prominent voorbeeld van en verdient een expliciete vermelding in de richtlijn en keuzekaart.
     
  • Fysische Modaliteiten:
    Zoals cryotherapie (koelen) en het gebruik van ortheses (kniebraces) effectief gebleken in het reduceren van pijn en stijfheid. Braces kunnen de gewrichtsstabiliteit verbeteren en de belasting op beschadigde structuren verminderen, wat leidt tot symptoomverlichting en functionele verbetering, met name bij specifieke patronen van artrose. Het belang van maatwerk in oefentherapie, inclusief neuromusculaire training en gangrevalidatie, verdient nadere specificatie.

Intra-articulaire Injecties:

  • Corticosteroïden: 
    Hoewel corticosteroïd-injecties snelle, kortdurende pijnverlichting kunnen bieden, is er toenemende bezorgdheid over potentiële negatieve effecten op het kraakbeen, subchondrale bot en periarticulaire weke delen bij herhaaldelijke toediening. Dit kan de progressie van artrose versnellen en de uitkomst van latere invasieve ingrepen compromitteren.
  • Hyaluronzuur: 
    Intra-articulaire hyaluronzuurinjecties met een hoog moleculair gewicht em met een voldoende hoge dosering bieden vaak langduriger pijnverlichting dan corticosteroïden en hebben een gunstiger veiligheidsprofiel met minimale risico's op weefselbeschadiging. Het werkingsmechanisme omvat viscosupplementatie, ontstekingsmodulatie en mogelijk chondroprotectie.
  • Bloedplaatjesrijk Plasma (PRP) en Leukocytenarm PRP (LP-PRP): PRP-injecties, rijk aan groeifactoren en cytokines, stimuleren weefselherstel en moduleren ontstekingsprocessen. De keuze tussen leukocytenrijk (LR-PRP) en leukocytenarm (LP-PRP) kan worden afgestemd op de specifieke intra-articulaire ontstekingsstatus, waarbij LP-PRP de voorkeur kan hebben in gewrichten met een hoge ontstekingscomponent om pro-inflammatoire effecten van leukocyten te vermijden. Recente meta-analyses tonen een superieure effectiviteit ten opzichte van hyaluronzuur en corticosteroïden, met een gunstig veiligheidsprofiel.
  • Innovatieve Behandelingen:
  • Toelichting:
  • Polyacrylamide Hydrogel (Arthrosamid): Deze hydrogel is een niet-bioresorbeerbaar implantaat dat, eenmaal geïnjecteerd, integreert in het synoviale weefsel en dient als een intra-articulaire 'scaffold'. Het verbetert de visco-elasticiteit van de synoviale vloeistof en kan langdurige symptoomverlichting bieden door het gewrichtskapsel te versterken en te functioneren als een kussen.
  • Plantaardige Carboxymethyl-Chitosan (Kiomedine): 
    Dit biopolymeer toont belofte in het moduleren van de ontstekingsrespons en het bevorderen van weefselherstel. De specifieke eigenschappen van deze botanische chitosan kunnen bijdragen aan chondroprotectie en symptomatische verbetering.
  • Autologe Mesenchymale Stromale Cellen (MSC's):
    MSC's, gewonnen uit beenmerg of vetweefsel (Adipose-derived Stem Cells - ASCs), bezitten krachtige immunomodulerende, anti-inflammatoire en regeneratieve eigenschappen. Ze kunnen via intra-articulaire injectie of percutane toediening aan subchondrale laesies (zoals bij subchondroplastiek) worden ingezet om pijn te verlichten, weefselherstel te stimuleren en mogelijk de progressie van artrose te beïnvloeden. De toepassing van microgefragmenteerd vetweefsel met behulp van systemen zoals LIPO-STEM DUO™ biedt een minimaal invasieve methode voor het verkrijgen van vitale ASC's.
  • Knieprotheses en Technologische Vooruitgang:
    Hoewel knieprotheses een effectieve behandeling kunnen zijn voor eindstadium artrose, blijft een significant percentage patiënten (tot 20%) ontevreden met de functionele uitkomst. Factoren die hieraan bijdragen zijn onder andere malalignement, instabiliteit en persisterende pijn. De integratie van modernere protheseontwerpen (bijv. anatomischere protheses, gepersonaliseerde implantaten) en de toepassing van geavanceerde chirurgische technieken zoals robot-geassisteerde chirurgie of patiënt-specifieke instrumentatie (PSI) kan leiden tot een nauwkeurigere implantatie, verbeterde kinematica en potentieel betere klinische resultaten en hogere patiënttevredenheid. Deze ontwikkelingen verdienen een prominentere plaats in de overweging voor chirurgische interventie.

Conclusie en Aanbeveling: 
Het is cruciaal dat de keuzekaart en onderliggende richtlijn continu worden geactualiseerd om de meest recente en effectieve behandelopties te omvatten. Een bredere erkenning van de hierboven geschetste behandelingen – van aanvullende conservatieve strategieën tot geavanceerde biologische en chirurgische interventies – zal medisch specialisten in staat stellen om, in samenspraak met de patiënt, een optimaal en gepersonaliseerd behandelplan op te stellen dat verder gaat dan de conventionele aanpak. Dit zal uiteindelijk leiden tot betere patiëntuitkomsten en een hogere tevredenheid.

De keuzekaart voor de behandeling van artrose in de knie en/of heup, ontwikkeld door het NOV, NHG, KNGF en de Patiëntenfederatie, is een goed initiatief dat op een overzichtelijke manier verschillende behandelingsopties presenteert. 

Maar de vraag is: biedt deze kaart echt een volledig beeld van alle mogelijke behandelingen?

Aanvullende overwegingen bij de Keuzekaart Heup- en Knieartrose: Een Perspectief op Breder Behandelpallet

©Supportho Medical BV - 2025 - Alle rechten voorbehouden. Deze website en de inhoud ervan zijn beschermd door auteursrecht. Gebruik, kopiëren, of verspreiden van materialen zonder schriftelijke toestemming is niet toegestaan.

We hebben je toestemming nodig om de vertalingen te laden

Om de inhoud van de website te vertalen gebruiken we een externe dienstverlener, die mogelijk gegevens over je activiteiten verzamelt. Lees het privacybeleid van de dienst en accepteer dit, om de vertalingen te bekijken.